Mowl

Als ik niet leef, ga ik dood.


Raak!

wandelen

Blijf in beweging, dan hebt u alles kans dat u ergens op zult stuiten, misschien wel als u er het minst op bedacht bent. Ik heb nog nooit gehoord dat iemand ergens op gestuit was terwijl hij zat. Charles F. Kettering (1876-1958)

De jongen had een spierziekte, dat was duidelijk. Op zijn weg door de supermarkt verloor hij het regelmatig van de autonoom opererende lichaamsdelen.

Nadat de boodschappen bij de kassa waren afgerekend, stond de jongen voor de moeilijke taak om de producten in zijn boodschappentas te krijgen.

Dat viel nog niet mee: het was duidelijk dat het hem flinke moeite koste om de handen als een grijper op de kermis boven het artikel te manoevreren, te laten zakken en dan de boodschap op te pakken zonder het weer te laten vallen. Het was zo mogelijk nog moeilijker om de broodjes, de nootjes of wat er verder nog in zijn wagentje lag, in de tas te mikken. Vaak genoeg viel het ernaast en moest de hele operatie van voren af aan beginnen.

Onvermoeibaar ging de jongen door met het inpakken van de tas. Toen hij de mokkaboontjes als laatste in de tas wist te krijgen hoorde ik het hem zeggen. Trots, tegen zichzelf.

“One hundred and eighty!”

[Ik heb altijd al gezegd dat er iets mis is met dart-liefhebbers.]

  1. En jij hebt hem niet even geholpen??

    {Mowl: nee. Hij was zo lekker bezig.}

  2. Hij heeft wel humor.

    {Mowl: goed hè?}

  3. Zelfspot, zou ik zelfs willen zeggen, Steve.
    (Een schaars goed in NL overigens.)

    {Mowl: goed is schaars in dit land.}

  4. Het lijkt me als je gaat helpen, dat je dat joch zijn handicap nog meer benadrukt.

    {Mowl: en bovendien kijk ik liever.}

  5. Ja, dilemma; helpen of niet? Net als bij iemand die stottert en 5 minuten doet over een zin. Gewoon geduldig laten stotteren en de persoon in z’n waarde laten.

    {Mowl: en stukje schrijven.}

Plaats een reactie

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag