BeterschapLeestijd 1 min

Hoe openbaarder, hoe verhulder. Ischa Meijer

“Ze wordt weer sterker,” constateerde ik, nadat Nova met haar nagels mijn handen had opengehaald toen ik haar haar medicijn wilde geven.

“Eigenzinnig,” zei Lief, “is dat niet hoe de dierenarts haar noemde?”

De kat legde haar hoofd op de hand die ze zojuist had aangevallen en kneep haar ogen toe. Volgens mij zag ik een grijns om haar mond. Ze denkt gewonnen te hebben, dacht ik, maar ze had haar pilletje wel doorgeslikt – dacht ik.

“Jullie speelde een-tweetje, toen ze nog klein was,” herinnerde ik me het pingpongballetje dat de twee heen en weer schoten. Lief knikte.

“En verstoppertje,” zei hij. Hij had haar eens laten schrikken achter een deur en sindsdien deed zij dat terug bij hem. Na acht jaar waren dit heugenissen geworden.

We glimlachten allebei.

“Stel je voor dat ze het niet gered had,” zei ik.

We zwegen met een mild behagen. Nova begon te spinnen.

Standaard