OktoberLeestijd 1 min

Ze zaten op de trap in het portiek, de jongen en het meisje, en minden elkaar. Dat wil zeggen, ze zoenden en streelden en keken in de ogen van de ander. Daar spraken ze woorden bij, waarvan ik de betekenis slechts kon gissen – maar ik wist voorzeker dat het liefdevol was en teer en toegenegen. Ik las het in de glans op hun gezichten, de stralen die bijkans de hele straat in het licht doopten, die daarvoor nog bukte onder de sombere bewolking.

De tijd was te krap, maar dan, wat kan de liefde wel omvatten? Dus kwam er onverbiddelijk het moment dat ze beiden opstonden om afscheid te gaan nemen.

Het meisje zette een bril op en liep weg, nagekeken door de jongen. Toen ze verdwenen was ging hij naar binnen.

Even later kwam hij weer naar buiten – in Lederhosen nu.

Jetzt geht die Party richtig los!” riep hij uit.

Standaard