Hautnah

plekje
Te dicht op elkaars huid zitten is altijd verstikkend. Je moet afstand houden om dicht bij elkaar te kunnen blijven. François Beukelaers (1938)

‘t Is vooral de manier waarop. Daar hoeft ie niks speciaals voor te doen. ‘t Zit gewoon als vanzelf in z’n blik. Heel natuurlijk.

Zoals ie vanochtend de badkamer binnenkomt en z’n ogen op ‘n ongedefinieerd plekje van m’n gezicht richt en met unitone stem zegt: “Wat ‘n raar, rood plekje.” waarna die kreukloos tot de dagelijkse orde overgaat. En mij in verwarring achterlaat.

Ik draai de spiegel en tuur en tuur. Ik zie niks. Maar d’r moet iets zitten. Als Brrrr ‘t zegt. ‘n Raar, rood plekje. Vast en zeker de voorbode van iets heel engs — ik kan zo snel niet bedenken wat, maar ‘t zit d’r. Vast. Want hij had ‘t gezien. En dus is ‘t d’r. Iets engs. Rood en raar.

Die onrust komt deze dag niet meer goed.

[“Wat is ‘r?” waagt ie ‘t dan nog te zeggen, even later. Ik grom of zo.]

Standaard

4 gedachten over “Hautnah

  1. Gaat het eigenlijk wel goed met je? Wil je erover praten? Of schrijf je dit allemaal als onderdeel van je therapie?

    {Mowl: ik! Heb! Geen! Therapie!}

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.