De dames

Waar veel licht is valt ook diepe schaduw. Johann Wolfgang von Goethe

In de steen stonden twee namen. Moeder bleef even staan kijken.

“Samen waren ze de Dames,” wist ze nog, “ze woonden samen, al zo lang we ons konden heugen, maar niemand dacht er iets van. Wat wisten we nu eigenlijk, toen?”

Ze pakte mijn arm.

“Alleen de beste vrienden, de vrienden die bij hen thuis kwamen, wisten dat er meer was dan dat,” zei ze, “meer dan twee ongetrouwde juffers die samen een huishouden deelden.”

Ze glimlachte.

“Een huishouden en een bed,” zei ze, “wie er kwam, wist dat er maar één bed was in hun huis, voor de beide dames. Maar niemand zei er iets van.”

Moeder draaide me mee, weg van het graf. Samen wandelden we naar de uitgang van het kerkhof. Toen de poort langzaam opende keek ze nog eens om. Dan trok ze me mee, naar buiten de omheining.

“We wisten van niks, toen,” peinsde ze.

Standaard

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.