Foute boel

Beesten zijn we, allebei! Nee — erger dan dat: we zijn mensen!

Brrrr en ik eten vlees. Het is een zwakheid in ons karakter waar we mee zullen moeten leren te leven. We sussen ons gillende geweten door zoveel mogelijk biologisch in te kopen en te eten. We denken daarbij vooral aan het welzijn van de dieren die in gevangenschap leven zodat wij hun producten kunnen afnemen. Wist je bijvoorbeeld dat ook de kippen die scharreleieren leveren een erbarmelijk leven leiden? Hun snavels worden net zo afgebrand als bij hun familieleden in de bio-industrie. Alleen hebben ze een paar vierkante centimeter meer ruimte.

Nee, daarom geen scharreleieren voor ons. Onze eieren komen van kippen die zoveel mogelijk buiten leven. Dat zegt de boer zelf en die kunnen we best geloven.

Om reden van dierenwelzijn eten we ook geen kikkerbilletjes, want die arme kikkers worden levend doormidden gezaagd. Daar zijn we fel op tegen en dus staken wij onze steun aan de onmenselijke behandeling van deze groene springertjes. Er komt bij ons geen bil naar binnen!

Kreeft is een moeilijk geval. Als wij weten dat het dier levend in het kokende water wordt gegooid roepen we „Boe!” en zwaaien met ons vingertje. Foei! Daar blieven wij niks van. In principe. Tenzij de kok het dier al in de pan heeft gemikt. Het zou ook ondankbaar zijn om het bord dan retour te zenden.

Heel fel zijn we tegen de mishandeling van ganzen voor het verkrijgen van die grote, vette ganzenlevers. Lager dan laag is het gedrag van de kwekers: de arme dieren worden letterlijk volgepropt met voedsel. We halen onze neus op voor dergelijke praktijken en wensen er niet mee geassocieerd te worden!

[Maar toen Broer gisteren met een stukje foie gras aan kwam zetten hebben we het onheil toch opgepeuzeld. Wat is dat lekker! Wat zijn wij slecht!]

Standaard

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.