Kroniek van ‘n zomer

statafel

Wie verlichten wil mag niet verblinden. Auteur: Hans Kudszus

“Weet je wie dat was?” vroeg Brrrr. Ik was in gesprek geraakt met ‘n wat ingekrompen rossige vrouw op leeftijd. Ik had d’r eerder gezien, wist ik. Ze maakte fysiek weliswaar ‘n wat breekbare indruk, maar d’r ogen schitterden met ‘n ongekend felle geesteskracht. Ze had me met ‘n priemende blik aangekeken en wat in ‘t Hebreeuws gezegd. Ze was verrast dat ik d’r — heel basaal, overigens — had geantwoord. Ze wilde van alles weten over m’n achtergrond en vertelde daarbij terloops over zichzelf.

‘n Boeiende vrouw, vond ik.

“Geen idee.” zei ik. “Maar ik vond d’r wel ‘n enorm boeiende vrouw.”

“Ze is de weduwe van Joris Ivens.” zei Brrrr met gepaste eerbied. Hij keek naar buiten, naar ‘t terras waar ze daarnet nog had gezeten. Ik volgde z’n blik.

“De weduwe van Joris Ivens.” prevelde ik. “Goh.”

Standaard

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.