Plasje

kelder
De ramp van vandaag is de archeologie van morgen. Charles P. Boyle (1892-1968)

Eerst kwam ‘t mannetje van de wasmachine kijken naar ‘t plasje water in de kelder. Hij haalde ‘t apparaat uit mekaar en schudde z’n hoofd.

“Hij lekt niet.” ontdekte die. Hij keek om zich heen. “Mag ik es in die kruipruimte kijken?” wees ie.

“Ga je gang.” haalde ik m’n schouders op. ‘t Mannetje van de was­ma­chine opende ‘t luik. Zachtjes floot ie tussen z’n tanden.

“Dat dacht ik al.” zeidie. “De afvoer is gesprongen. Kijk.” Met ‘n looplamp liet ie me zien hoe de kruipruimte onder water stond.

‘n Hoestbui smoorde ‘n vloek. ‘t Mannetje keek me bezorgd aan.

“Gaat ‘t wel?” vroeg ie. Ik zwaaide maar zo’n beetje met m’n handen.

[“Ik schrijf wel wat op die bon.” zei ‘t mannetje geruststellend. “Geen zorgen.”]

Standaard

3 gedachten over “Plasje

  1. Jaartal Weblog schreef:

    Altijd ales van de positieve kant bekijken: wees blij dat je wasmachine niet op zolder staat, als je afvoer dan kapot gaat heb je nog meer gesodemieter voor je kruipruimte vol staat (kuch)

    {Mowl: wij hebben geen zolder. Dat scheelt, denk ik.}

  2. Oh, da’s vervelend zeg! Hoop dat het meevalt, als het een wasmachineafvoer is kon er nog wel eens meer in de kruipruimte zijn gestroomd dan alleen schoon water…

    {Mowl: één ding kan ik je vertellen — de wasmachineafvoer was ‘t niet.}

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.