Priegelen

Ze noemen ons katoenhemden en koffiekoppen en oliehuiden, ze noemen ons de mensen des doods, maar wij zijn de mensen wier voeten kracht putten als ze op de harde bodem stoten. Leopold Senghor

Ze noemen ons katoenhemden en koffiekoppen en oliehuiden, ze noemen ons de mensen des doods, maar wij zijn de mensen wier voeten kracht putten als ze op de harde bodem stoten. Leopold Senghor

De twee meisjes zaten op betonnen paaltjes, zo’n anderhalve meter uit elkaar. De voeten raakten amper de grond, maar ze wisten hun balans prima te houden.

Hoewel ze naar elkaar toe waren gekeerd, werd er niet echt veel gezegd. Het waren vooral de handen die spraken, door met schijnbaar niets te priegelen, waarbij de vingertoppen onbedoeld als in een labyrintdans bewogen, nauwkeurig bekeken door de beide meisjes.

Eén van hen, het meest linkse van hieraf gezien, liet de armen ineens zakken. Ze staarde het andere meisje aan, dat het meest rechts zat. Ze dacht na, waarbij haar wenkbrauwen ineen fronsten. Het rechtse meisje had het allemaal niet in de gaten.

“Mijn vader moet altijd kotsen als hij dronken is.” zei ze dan.

Het andere meisje keek niet op. Haar vingers priegelden gewoon door.

“O.” zei ze alleen maar. Het meest linkse meisje wachtte nog even.

Dan priegelde ze weer mee.

Standaard

Een gedachte over “Priegelen

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.