Waakhond

nagedachtenis

Mensen die niet te veel nadenken zien er doorgaans jonger uit. Charles Bukowski (1920-1994)

Toen ik m’n hoofd op ’t kussen legde, wist ik ’t direct: dit zou ’n lange, slapeloze nacht worden.

Ik had gelijk. Of ik nou op m’n rug lag, de ene of de andere zij — dromenland bleef voor mij gesloten. En hoe langer ik naar ’t plafond lag te staren, hoe minder m’n ogen neigden dicht te vallen.

De spoken van de nacht kwamen opgezet. Beelden uit ’t verleden. Geuren van de nacht. Brandlucht.

Brandlucht? Ik schrok. We hadden toch alle kaarsen uitgedaan? Of zou d’r nog een vonkje zijn achtergebleven, onopgemerkt maar levensvatbaar, waardoor nu, op de begane grond, stilaan een vuurzee aan ’t groeien was?

Ik moest ’t bed uit. ’t trappenhuis in, naar beneden. Daar was ’t rustig en kalm. De beide katten sliepen op de bank en ’n stoel.

Zij wel.

[Ik wierp ’n blik op de wekker voordat ik weer onder ’t dekbed kroop. Nog enkele uurtjes. Wat zou ik nou es doen?]

Standaard

7 gedachten over “Waakhond

  1. Cyberjunk schreef:

    Mooie titel voor dit stukje. Maar als je vaker op deze manier wakker ligt, dan moet je maar eens warme melk met honing nemen voordat je naar bed gaat, dat schijnt een probaat huismiddeltje te zijn.

    {Mowl: gelukkig gebeurt ’t zelden.}

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.