EngelsLeestijd 2 min

Voor ik het vergeet wil ik je toch even een kijktip geven. Voor het weekeinde. Ik doel op Angels in America.

Deze zesdelige serie is – mag ik het zeggen? – on-Amerikaans goed, als ik mag oordelen op de eerste aflevering.

Het verhaal (gebaseerd op een oorspronkelijk zeven uur duren toneelstuk van Tony Kushner) speelt zich af in 1985. Het is allemaal pet: God heeft de Hemel verlaten, Reagan zit in het Witte Huis en de Dood regeert middels Aids. Ober, doe mij nog maar een glaasje!

Al Pacino speelt de rol van de historische figuur Roy Cohn, de rechterhand van Edgar Hoover, eertijds de Grote Baas van de FBI. Wisten we van Edgar Hoover al dat hij in zijn vrije tijd graag in vrouwenkleren liep, Cohn rommelde in het puriteinse Amerika graag met jongemannen. Maar, zoals Pacino in zijn rol bewoordt, noemt Cohn zich niet homosexueel. Nee, hij is een heteroman die met andere mannen rommelt. Homo’s zijn losers, vindt Cohn. Net als joden. En omdat ie zo’n machtige positie inneemt (“Als ik deze vijftien cijfers draai, weet je wie ik dan aan de telefoon krijg?” “Niet zeggen, de President zeker.” “Belangrijker nog: z’n vrouw.”) kan hij noch jood, noch homo zijn. Een fraai staaltje logica, niet waar?

Meryl Streep doet ook mee. In het begin bijna onherkenbaar als rabbi (met grote baard) en later als engel. En verderop als Ethel Rosenberg die, mede door de FBI, op de electrische stoel is gebracht.

Het duizelt van de sterren, het plot is ingenieus en de fotografie is verbluffend (al vond de NRC enkele scenes veel lijken op Harry Potter – maar dat kan ook een compliment zijn).

Kijken dus.

[Het enige minpunt is het uitzendtijdstip: rond half twaalf ‘s avonds. Maar zolang ik niet voor de buurvrouw opendoe mag ik zaterdags opblijven. Bofkont!]

Standaard

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.