FalafelLeestijd 1 min

Toen ik voor het eerst in Israël was, maakte ik kennis met het falafel-fenomeen.

Ik zal het je even uitleggen.

Falafel is een rond balletje, gemaakt van gemalen kikkererwten. Een aantal van die balletjes gaat het frituurvet in. Daarna wordt een pita-broodje ermee gevuld. Vervolgens kun je dat pitabroodje onbeperkt bijvullen met allerlei zaken die rondom het falafelkraampje staan uitgestald. Ik spreek over sla, tomaten, ui, bonen – zelfs friet.

Omdat ik toen minder draagkrachtig was dan nu, was dat een ideale maaltijd. Het was zaak om niet teveel van het broodje en de falafelballetjes te eten, zodat je steeds kon bijvullen. Op was op, maar dan had je wel voor een klein bedrag je buikje vol gegeten.

En lekker! Zeker met een glas grapefruitsap d’r naast.

Terug in Nederland ben ik zelf mijn broodje falafel gaan maken. Het is niet moeilijk. Kikkererwten, dus. Tuinkruiden en peterselie. Rijst, tarwe en gerst. Dat is het wel zo’n beetje.

O ja. Ik vergeet het belangrijkste bestanddeel.

Mooi weer.

[Dus heb ik me gisteren weer vergrepen aan de productie van de kikkererwt-ballen. En ja, ze smaakten weer als vanouds. Ik was alleen de grapefruitsap vergeten. Nou ja, de zomer is net begonnen.]

Standaard

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.