GebarenLeestijd 1 min

Een paar rupsen zullen we wel moeten verdragen, als we ooit vlinders willen zien. Antoine de Saint-Exupéry

Ze drukte een paar keer op het desinfectiepompje.

“Dit is voor het eerst sinds maart dat ik weer buiten ben,” vertelde ze ondertussen. En, kijkend naar de vloeistof in haar handen: “ik zou hier verslaafd aan kunnen raken. Wat een lekker spul.”

Ze wreef de lotion in haar handen.

“Ik was laatst – waar was ik ook alweer? O ja, in Duitsland natuurlijk, want ik droeg een mondkapje bij de benzinetank – je moet daar overal een kapje dragen, dus daarom weet ik dat – en toen kon ik me helemaal niet verstaanbaar maken.”

Ze schudde denkbeeldige druppels van zich af.

“Ik kan best een aardig eindje over de grens, al zeg ik het zelf, maar toen pas merkte ik dat ik ook met de mond praatte. Ik bedoel, niet alleen de woorden, maar ook de mimiek. Grappig, hè?”

Ze rook aan haar handen.

“Echt, ik zou hier makkelijk verslaafd aan kunnen raken.”

Standaard