OntnuchterdLeestijd 2 min

Al wapperend met envelopjes riep de chef iedereen bij elkaar.

-„De kerstgratificaties zijn bekend.” zei ze. „Komen jullie over twintig minuten allemaal in de Grote Kamer?”
Ze gaf me een knipoog.

-„Goh,” zei C, „Denk je dat jullie die krijgen?”
Ik haalde mijn schouders op. Eerlijk gezegd, verwachtte ik het wel. Tenslotte hadden J, A en ik dit jaar ontzettend ons best gedaan om nieuw werk te vinden.

Ik ga te snel.

Dit jaar werd definitief wat al enige tijd waarschijnlijk leek: het werk van ons drietjes zou verdwijnen. En in plaats van dat we de kont in de krib hebben gegooid hebben we heel constructief meegewerkt met de afbouw van onze werkzaamheden en het zoeken naar nieuwe taken binnen onze organisatie. Onze chef had het al vaak gezegd: ze had bewondering voor de wijze waarop we hieraan hebben meegewerkt. Een gratificatie leek ons dan ook een mooi blijk van waardering.

-„Ik weet het niet.” zei ik in alle oprechtheid. „In het verleden zijn er wel gekkere dingen gebeurt.”

Dat klopt. In onze organisatie wordt bijzonder vreemd omgesprongen met deze vorm van gedifferentieerde beloning. In plaats dat de kerstgratificatie terecht komt bij individuen die uitzonderlijk hebben gepresteerd in het voorbije jaar, lijkt het veel meer een lijstje dat afgewerkt wordt. Iedereen krijgt, ongeacht zijn of haar inzet, op zijn tijd deze bonus. En periodiek komt die steeds weer voorbij. Ook ik heb op deze onverdiende wijze in het verleden wel eens een extraatje gekregen.

In de Grote Kamer kwam twintig minuten later de chef naast me zitten. Ze had drie envelopjes in haar handen. Mijn hart begon wat onrustiger te kloppen. Zou dan misschien dit keer…?

-„Ik heb altijd moeite gehad met het systeem van gratificeren.” begon ze. „Het is altijd weer moeilijk om mensen aan te wijzen die daar voor in aanmerking komen, zonderen anderen zich gepasseerd te laten voelen.” Ze had gelijk. Ze keek de kring rond. Verbeeldde ik het me of glimlachte ze extra toen haar blik een moment op mij bleef rusten? Voorzichtig begon ik, mede namens J en A die afwezig waren, een emotioneel dankwoordje voor te bereiden. Misschien dat ik er nog een ontroerde traan uit zou weten te persen.

-„Ik zal er niet lang omheen draaien,” hervatte ze. „De gratificaties zijn dit jaar voor A, L en B.”

[Terwijl de drie één voor één gelauwerd en gefeliciteerd werden, bleef ik dapper glimlachen en applaudisseren. Stom systeem, die kerstgratificaties!]

Standaard

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.