StrafLeestijd 1 min

Foto: Rick Kewal Gademann
Wolken zijn als mensen, zij hebben soms een slechte bui. Jan van den Heuvel

“Potjandorie Kees,” zei de man in het café, “wat is er met jou gebeurd?”

De man die net binnenkwam – Kees dus – wreef over de memelige plek onder zijn rechteroog.

“Waarmee meteen de vraag is beantwoord of iemand het zou opmerken,” grinnikte hij. Hij gebaarde naar de kastelein om een biertje. “Maak er maar een grote van,” zei hij. “Zit hier iemand?”

Kees trok de stoel naast de man opzij en nam er plaats.

“Mijn vrouw heeft gedroomd.” zei hij, “Bedankt John.” Dat was dus de naam van de barman, die zich zwijgzaam als sneeuw weer uit de voeten maakte.

“Gedroomd?” vroeg de man, “Wat dan?”

Kees ging ervoor zitten.

“Het was oorlog,” zei hij, “en ik was een NSB’er.” Hij nam een slok. “Nou ja goed, toen werd ze dus wakker.”

“Nee!” zei de man, “Heeft ze je…?”

Kees knikte.

“Recht op mijn oog,” zei hij. “Had ik harder gedaan.”

Standaard