VoorproefLeestijd 1 min

Het lichaam in het water was papa, dat zag Jacques meteen. Ook al dreef hij op zijn buik, met het hoofd onder de waterspiegel, het was papa zonneklaar. Hij voelde dat hij nu iets moest doen: om hulp schreeuwen, bijvoorbeeld, of het uit het water proberen te trekken. Maar in eerste instantie bleef hij staan kijken naar het lichaam, dat dobberde als een bootje aan de aanlegsteiger. Hulp was nu toch te laat, dacht hij – of in elk geval zoiets, want later wist hij niet meer te vertellen wat hij op dat moment precies onderging. Dat was niet erg, want niemand zou het hem ooit vragen.

Wel kon hij nog twee dingen terughalen. Ten eerste dat het drijvende lijk hem rust gaf (door het dobberen, misschien, dat wist hij ook niet). En ten tweede dat hij plotseling zijn moeder achter hem merkte. Ze had nog niet eens wat gezegd.

“Mon Dieu.” sprak ze toen ze wel wat zei en dat vond Jacques heel merkwaardig: hij had haar nog nooit Frans horen praten en hij vond het een merkwaardig moment om daarmee te beginnen. Maar mogelijk had ze het wel gepast gevonden, daar en dan.

[Dit is een fragment uit een verhaal dat ik schrijf op dit moment. Anders blijft het hier ook zo stil, nietwaar?]

Standaard

2 gedachten over “VoorproefLeestijd 1 min

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.