Verstoring

zoeken

Wat en hoeveel we ook zoeken, we vinden nooit iets anders dan onszelf. Anatole France (1844-1924)

De trein naar W van vier over half reed niet, had de stem uit de luidspreker ge­meld. Echt erg was dat niet, want tien minuten later zou d’r alweer ’n vol­gende ver­trek­ken. De man die op me afstapte had dat niet mee­ge­kre­gen.

“Waar is de trein van vier over half?” vroeg ie.

“Die rijdt vandaag niet.” antwoordde ik.

“Waarom niet?” vroeg de man. Ik trok m’n lippen en m’n wenkbrauwen op.

“Geen idee.” zei ik. “Dat hebben ze me niet verteld.”

[Toen de man mopperend wegliep, voelde ik even, maar m’n pet en m’n fluit had ik toch echt thuisgelaten. Dat de man me aanzag voor de perronopzichter was dus uitgesloten.]

Standaard

5 gedachten over “Verstoring

  1. Mij wilde men vroeger ook nog wel eens aanzien voor een NS-medewerker. Maar dat kwam dan toch meestal door mijn oude machinistenjasje, dat ik nog wel eens wilde dragen.

    {Mowl: ich liebe Männer in Uniform.}

  2. Eric schreef:

    Strikt gesproken was het juiste antwoord geweest: “Die bestaat niet.” Zou de trein van vier over half bestaan, dan was ’ie er immers ook. Zo’n trein is geen Schrodinger’s Cat-verschijning…

    {Mowl: ik heb die gedachtenexcercitie nooit kunnen volgen. Als ik in ’n doos word gestopt besta ik ineens niet meer? En wat moet die trein daar dan? Om van die kat maar te zwijgen.}

Zeg het eens.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.